De afgelopen weken heb ik mijn to do-lijst afgewerkt en ben ik eindelijk begonnen aan het fotoalbum voor 2025. Wekenlang heb ik elke dag een paar foto’s ingeplakt en bekeken, heb ik me de momenten en wat er op de achtergrond stond herinnerd. Je ziet zoveel lichtheid, levensvreugde, warmte, schoonheid en saamhorigheid. De banaliteit van het leven heeft veel te bieden!
Zichtbaar
Stel je selfies voor van een horde Noëlhuizers die samen pannenkoeken eten en vervolgens met jong en oud door de bossen rond Lage Vuursche wandelen. Foto’s van ambitieus sjoelen op oudejaarsavond, van figuren op ons dak die op duizelingwekkende hoogte naar het laatste semi-legale nieuwjaarsvuurwerk van Nederland kijken. Stel je onze 3-jarige huisgenoot voor, die in haar kleine schort met drama en schattigheidsprivilege de afwas saboteert. Inmiddels zijn er foto’s van haar met een gebroken been, terwijl ze in een kleine rolstoel door de lange gang rolt of vrolijk vanaf het einde van de lange eettafel het diner vermaakt – dat nu niet wordt onderbroken door wegrennende kinderen. Je kunt het schaterende gelach van haar moeder bijna horen op de foto’s van de boottocht, die we te danken hebben aan de gedoneerde Postcodeloterij-prijs.
De foto’s tonen nog net de contouren van een groep Noëlhuizers en Dorothies die in het donker door Artis tasten en zich slap lachen omdat de dieren beschaafd slapen en natuurlijk niet te zien zijn voor de bezoekers.
En stel je eens voor hoe de vredesvlag in de Dantestraat wappert – ons traditionele teken wanneer iemand van ons papieren heeft gekregen. Ja, stel je eens een foto voor van Kamila en Ilmira met hun Nederlandse paspoorten! Wim, die al 37 jaar op donderdag komt eten en ons in het Klankbord met raad terzijde staat, trakteerde hen op Nederlandse papieren, gerecycled uit zijn eigen oude paspoorten. Want na 9 jaar in Nederland werden ze erkend als vluchtelingen!
En onzichtbaar…
Afgezien van de fotoserie van de gespikkelde toiletpot met scheuren, die we niet alleen moesten schoonmaken, maar om veiligheidsredenen ook moesten vervangen, zouden onze foto’s je hart verwarmen en zou de vrolijkheid je bijna meeslepen.
Er zijn echter een aantal dingen die deze foto’s niet laten zien. De reeks kippengraven ontbreekt, die groeide totdat we eindelijk de coccidiose hadden behandeld. Je ziet ook F. niet, een vroegere bezoeker van het huis, die achter dikke betonnen muren in zijn cel in Schiphol in uitzettingsdetentie zit. Wanhopig omdat hij zonder dagbesteding, einddatum en vonnis wordt vastgehouden als een zware crimineel. Er zijn alleen foto’s van de andere kant van de muur, de vrije kant: toen we op Aswoensdag met askruisjes in alle symboliek onszelf en het mensonterende systeem opriepen tot bekering, ons tijdens de ronde om de gevangenis realiseerden dat er steeds meer gevangenen zitten en uiteindelijk bij het laatste gepantserde raam onze vriend in de verte ontdekten. Voor hem begon op die dag de ramadan – en de eenzame iftar-maaltijden in de cel.
Ook het wachten van onze voormalige huisgenote hier en haar twee kinderen van tien op 9000 km afstand, die bang zijn voor een gedwongen huwelijk en hopen op gezinshereniging, kan niet worden vastgelegd. Als alles goed gaat, wordt er over een paar weken een gezamenlijke foto van hen in Nederland gemaakt.
De foto’s tonen ook niet het gebrul van de F35-gevechtsvliegtuigen van de Koninklijke Luchtmacht boven de Dantestraat, die vanaf Schiphol oorlogsvoering oefenen. Ze laten de druk niet zien die voor het interview bij de IND op je rust, omdat het je verdere lot bepaalt. De foto’s laten helemaal niets zien van de verwarrend complexe conflicten die onzekerheid en twijfel veroorzaken. Ze laten geen gespannen en vruchtbare vergaderingen zien met onze nieuwe supervisor, met het klankbord of met Geeske, die ons allemaal voorzien van wijsheid en bijstand. Ze tonen niet de steeds concreter wordende bezorgdheid over de criminalisering van ongedocumenteerden, over de afschaffing van de onbeperkte verblijfsvergunning, over bemoeilijkte herhaalde asielaanvragen, over de afgeschafte gezinshereniging voor ongehuwden. We kunnen Adel, zijn vrouw en vijf kinderen niet zien, hoe hij in Griekenland en zij in Gaza nog steeds bidden voor een weerzien – en voor het overleven.
De foto’s tonen niets van het feit dat een medebewoner opnieuw Ter Apel en een onzekere toekomst tegemoet gaat en dat we ons de levendige huisgemeenschap zonder zijn humoristische zachtaardigheid eigenlijk helemaal niet kunnen voorstellen. Ze laten niets zien van onze discussies over hoeveel en welke gastvrijheid we kunnen verdragen en dragen. En hoe we ergens tussen de warmte van anarchie en het gevaar van nalatigheid en onduidelijkheid op zoek zijn gegaan naar nieuwe huisregels.
Niets van N., die lachend praat over zijn ervaringen met vernedering en marteling als politiek gevangene in zijn thuisland. Die met een kapotte bril en tranen in zijn ogen vertelt hoe hij door iemand om enkele euro’s wordt gevraagd en niets kan geven omdat hij zelf niets heeft. Je ziet niet dat onze voormalige huisgenoten alleen op een verjaardagsfoto in het Noëlhuis staan omdat ze een paar uur eerder als gezin hun studio zijn kwijtgeraakt en een paar dagen in de logeerkamer verblijven.
Afscheid
En ze verraden niet dat we ons voorbereiden op het afscheid van Margriet, Miloš en Karel. En ook niet dat we nog even Margriets respectvolle duidelijkheid, haar kennis en haar volwassenheid in ons opnemen, voordat het Noëlhuis na ruim 13 jaar weer zonder haar verder moet.
Er is een foto van 16 februari – alles lijkt normaal. We zitten zoals elke maandag in een kring in de keuken en lijken te vergaderen. In het midden van de foto zit Chris, ze ziet er vrolijk uit. Wat je niet ziet, is dat ze die avond afscheid neemt van het Noëlhuis en tegen tranen vecht. Ze heeft een moedige beslissing genomen: een nieuw hoofdstuk beginnen en het Noëlhuis verlaten, niet meer pendelen tussen Dortmund en Amsterdam. Voor Chris en het Noëlhuis een nieuw en oud hoofdstuk: dat van de vriendschap. Zij kent en ondersteunt het huis immers al sinds het begin. We missen nu al haar praktische briljantheid, haar vermogen om het huis leefbaarder te maken en haar bijdragen bij de hete hangijzers.
Toewijding behouden
Onlangs werd ik ’s ochtends wakker (gelukkig is daar ook geen foto van) en schoot me een citaat te binnen dat me aanspreekt in mijn angst en moed van me vraagt: “Jezelf toewijden betekent jezelf te riskeren.” De toewijding was ik in de afgelopen maanden vaak helemaal vergeten, zo druk was ik aan het piekeren over wat er in de wereld en thuis gebeurt. Maar zo verklaar ik voor mezelf waarom het gemeenschapsleven in banaliteit en zwaarte, in tijden van conflict, afscheid, beslissingen, ontoereikendheid, eigen beperkingen en grenzen stellen zo pijnlijk kan zijn. Want toewijding brengt een risico met zich mee.
En dat dit huis toch steun en warmte biedt, hebben we te danken aan de toewijding van velen. Aan degenen die niet aarzelen om een extra mijl te gaan voor een medebewoner, die ondanks hun eigen zorgen op elkaar afstappen en er voor elkaar zijn. Die niet blijven steken in woede jegens de ander, maar over hun schaduw heen springen, die niet terugdeinzen om deel te nemen aan slopende vergaderingen en er steeds weer voor kiezen om de ander, de samenwerking en het gemeenschappelijke een kans te geven.
De toewijding van degenen die ondanks het naderende allesbepalende interview bij de IND nog denken aan de verjaardagstaart van de vijfjarige. Die hun eigen ervaringen delen om anderen moed in te spreken of bij te staan. Die ondanks de hygiënische gevolgen van het hebben van bijna twintig huisgenoten, week na week oprecht hun schoonmaaktaken op zich nemen en ook nog iets positiefs kunnen halen uit het samenleven. Die zich openstellen en zichzelf en de naaste toestaan om hier thuis te zijn, ook al is het maar tijdelijk.
Al deze foto’s herinneren me er ook in vermoeiende tijden aan dat we steeds weer voor de keuze staan of we ons willen toewijden: aan God, onze broeders en zusters, de menselijkheid, ons leven, de hoop en de strijd daarvoor.
Want als je goed kijkt, vertellen de foto’s je ook iets over de menselijke essentie en over een roeping van het Noëlhuis – hoezeer het heden soms ook het zicht daarop dreigt te vertroebelen. Ze getuigen namelijk van de schoonheid en warmte van mensen die ze met elkaar delen. Mensen die hier samenkomen, elkaar steunen, met elkaar meeleven en vechten, er voor elkaar zijn. In onze vergankelijkheid en kwetsbaarheid. Dat was en is zo, in welk Noëlhuisfotoalbum je ook zoekt. Je moet alleen goed kijken.

