Skip to content
Korrel Zout  | Catholic Worker Amsterdam

Korrel Zout | Catholic Worker Amsterdam

Jeannette Noëlhuis

  • Archief
    • Jaargangen
    • Dossiers
  • Aanmelden
  • Agenda
  • Steun ons
  • Noelhuis
  • Facebook
  • Instagram

Hoe Dorothy Day mijn leven op z’n kop zette – en vaste grond gaf

redactie, 27/11/2025, Jaargang 37 nr. 2

De eerste keer dat ik de naam Dorothy Day hoorde, ging er een totaal nieuwe wereld voor me open. Ik zat met Anton de Wit op een terrasje in het centrum van Amersfoort. Hij was toen nog de langharige freelancejournalist met relativerende tegendraadsheid en nog niet de keurig in pak gestoken hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad. Ik was bezig aan een proefschrift en had in mijn vrije tijd het manuscript van Antons boek Van klokken en klepels meegelezen. En bovenal was ik op zoek naar een manier om als progressieve christen katholiek te zijn in een kerk die tamelijk traditioneel ingesteld is.

Dorothy Day – katholiek, anarchist, journalist. Dat kán dus! Enthousiast als ik was, heb ik daarna een afbeelding van ‘Saint Dorothy Day of New York’ op mijn bureau gezet. Met Catholic Worker in de hand. Totdat haar eigen uitspraak – ‘Noem me geen heilige, zo makkelijk wil ik me niet laten afserveren’ – dat weer relativeerde. Zoals Franciscus van Assisi weigerde zich te laten wijden tot diaken of priester, zo weigerde Dorothy Day tot de categorie ‘heiligen’ toe te treden. Zo ben je dus anarchist binnen de meest hiërarchische kerk ter wereld. Ik heb dan ook zeer gemengde gevoelens over het proces van heiligverklaring dat de kerk is gestart.

Van waarde

Ik ben een beetje traag, denk ik. Opgegroeid in een familie met een van generatie op generatie overgedragen minderwaardigheidscomplex. Waarin gevoel voor onrecht sterk ontwikkeld is, maar waar dit niet werd gezien als iets waartegen je ook iets kunt doen. Een soort natuurlijke orde: mijn opa, met een intelligentie die door alle plafonds schiet, was bestemd voor de fabriek. Zo is dat nu eenmaal. Op het gymnasium was ik een onzichtbaar buitenbeentje. Als student vooral onzeker. Ik heb lang nodig gehad om in beweging te komen. Maar ruim tien jaar geleden begon het te jeuken. Ik werd vader, vond mijn plek als gelovige en besloot theologie te gaan studeren. Ook hervond ik mezelf als een persoon die voor God waarde heeft en die ook iets te geven heeft.

Ja, ik heb mijn halve leven nodig gehad om dat te ontdekken. En mijn kennismaking met de Catholic Worker en Dorothy Day hebben daar een belangrijke rol in gespeeld. Dat begon met lezen: The long loneliness van Dorothy Day en haar biografie, Alles is genade. Ik ging werken als journalist en steeds maar weer zag ik in mijn netwerk het Jeannette Noëlhuis omhoogkomen. Met wakes voor vluchtelingen, acties voor het klimaat, opvang van migranten. Toen ik er voor het eerst zelf op bezoek kwam, voelde ik me al lang geen vreemde meer. Als ik terugkijk, denk ik dat ik stiekem elke kans heb gegrepen om dit bijzondere huis een plek te geven in mijn journalistieke werk. Ik interviewde Daan en later ook Nikki en gaf een jonge collega de tip om eens met Frits te praten – een gesprek dat voor die collega een enorme cultuurschok was. “Er zijn dus christenen die kernwapens afgoden vinden!”

Bevrijding

In die jaren – ik schreef al, ik ben traag – daalde het besef in dat niets doen geen optie is. Met de klimaatramp, het militarisme, opkomend fascisme en vreemdelingenhaat. Ik schreef hierover puntige tweets, jaagde daarmee het dagblad waarvoor ik werkte op de kast, maar dat voelde steeds zinlozer. Er is meer nodig. Journalistiek is een belangrijk beroep, mits op de juiste manier beoefend, maar juist op dat laatste vlak laat de mediacultuur in ons land flink te wensen over. Min of meer ‘neutraal’ aan de zijlijn staan, dat is de norm, als fly on the wall. Dat paste heel goed bij mijn introverte aard, maar het moedigde ook mijn lafheid en conflictmijdende neigingen aan. Het vak beoefenen zoals Dorothy Day dat deed, is hier en nu ondenkbaar. En dat begon steeds meer te schuren.

Een actie van ‘Kappen met Kolen’ was voor mij het moment om een nieuwe stap te zetten. Ik wilde schrijven over burgerlijke ongehoorzaamheid in christelijke kring aan de hand van een Aswoensdagviering die het Noëlhuis organiseerde op het kolenspoor. Onderweg in de bus moedigde Frits me aan om ook zelf op het spoor plaats te nemen. “Om je verhaal nóg completer te maken”, beargumenteerde hij, “kan het goed zijn ook de ervaring in de cel erin mee te nemen”. Ik heb dat toen niet gedaan, met pijn in het hart. Als journalist zag ik er geen ruimte voor. Het zou me mijn baan kunnen kosten, vreesde ik. 

Mijn aanwezigheid bij deze actie heeft me aan het denken gezet en doen besluiten een werkzaam leven buiten de journalistiek te zoeken. Om mezelf ruimte te geven actief bij te dragen aan de bewegingen voor klimaat en vrede. Het heeft me niet mijn baan gekost – ik ben uit vrije wil zelf vertrokken. Een bevrijding! Door mijn drukke leven en allerlei verplichtingen lukt het me nog steeds negen van de tien keer niet om bij een actie te zijn. Maar niets houdt me tegen mee te doen als ik een keer wél kan.

Uiteindelijk ben ik hier ook als gelovige door gegroeid. Vooral de laatste jaren, dankzij het ontdekken van onder anderen John Dear, is mijn geweldloze actie meer en meer verankerd geraakt in een persoonlijke toewijding aan de geweldloze Jezus. Waar ik voorheen vervreemding ervoer bij de enorme devotie van Dorothy Day, omdat ik als twijfelgelovige gevangen zat in vragen, is er heel traag iets van herkenning aan het groeien. Daar sta ik nu. En inmiddels heb ik ‘Saint Dorothy’ vervangen door een andere icoon: die van Dorothy met de dakloze Christus. Waarbij die laatste de heilige is. 

Remco van Mulligen (1981) was journalist bij het Nederlands Dagblad en werkte voor Volzin en De Kanttekening. Tegenwoordig is hij, met een katholieke achtergrond, predikant in opleiding bij de Remonstranten en voorganger in Hengelo.

  • Facebook
  • Instagram

020-6998996
noelhuis@antenna.nl
Dantestraat 202
1102 ZR Amsterdam
IBAN NL10 TRIO 0379 2032 ‍19